Ze vond dat ze eraan toe was

Door: Yvonne van der Veldt

Ze vond dat ze eraan toe was. Ze had besloten dat het voor haar goed was om eerst eens even een tijdje alleen te wonen. Tot rust te komen. Te kijken wat er nu toch aan haar schortte en uit te vogelen wat er nu in hemelsnaam zo verkeerd was gegaan in haar relatie. Ze dacht namelijk altijd: ‘Oh, maar dat regel ik allemaal wel, ik fix dat wel, het gaat wel over’.



Waarom had ze dan nu tóch de handdoek in de ring had gegooid en de belofte ‘Trouw tot aan de dood’ verbroken? Dat kon ze maar niet verkroppen. De keuze om een tijdje alleen te gaan wonen, zou haar de antwoorden moeten gaan brengen want met alleen-zijn kom je jezelf ‘tegen’ en leer je dingen die je moet leren. Ze nam de tijd om te gaan onderzoeken en deed een test op internet. Ze koos voor een ADHD-test want ze merkte wel dat ze haar leven lang altijd al veel meer energie had dan anderen. Sneller prikkelbaarder ook. En oh! Wat waren de meeste mensen toch traag van begrip! Ze scoorde 100%.



Een afspraak bij een gezondheidsorganisatie in Zaandam volgde en de psychiater meldde haar dat de diagnose ADHD niet de juiste was, maar dat er sprake was van een bipolaire stoornis. Ze vroeg de psychiater om uitleg want ze had nog nooit van dit woord gehoord. Ongekende hoogte, heel veel energie, druk, veel praten, denken dat je alles kunt en last hebben van depressies. Periode van weken, maanden die elkaar daarin op volgen. Ja, daar herkende ze zich wel in. Ze kreeg de opdracht mee om vanaf haar 25-30e levensjaar alle maanden zo goed mogelijk in kaart te brengen en die dan in de volgende afspraak te bespreken. 



Alleen die opdracht al zorgde dat ze een manie terecht kwam. Dagen, nachten was ze bezig, in haar hoofd, en met Excel om haar emoties en gevoelens in kaart te brengen. En nee, dat deed ze niet vanaf haar 25e levensjaar. Nee. Ze bracht haar hele leven vanaf haar geboorte in kaart en raakte daardoor volledig van de rel. Voor haar heel gewoon gedrag, ze wist niet beter dan dat bij alles wat ze grondig aanpakte, er allerlei emoties omhoogkwamen die haar letterlijk mee de afgrond in sleurden. En waar ze dan – zo goed en zo kwaad mogelijk – mee moest zien te dealen. Bovendien pakte ze altijd alles heel grondig en letterlijk aan, dus dit ook. Wekenlang was ze dag en nacht bezig om de periodes in kaart te brengen. 



Stilliggende trauma’s kwamen omhoog bij het summiere aantal aanknopingspunten dat ze had: een verjaardag, de Kerstdagen, het begin van het schooljaar, het begin van de vakantie. Grote zwarte gaten, nog steeds, tussen deze periodes. Hoegenaamd geen herinneringen van de dagelijkse gang van zaken. En dat wat ze haar dus wel kon herinneren, dat gaf haar een gevoel van onpeilbare diepe depressies.
Geen momenten van blijheid of geluk. Nee. En dat was het meest confronterende. Ze kon zich geen zonnige dagen herinneren, zeker vroeger niet. Alles is donker, koud, kil en troosteloos. Haar enige en meest favoriete herinnering was een foto van de vakantie in Italië waarop haar kindjes – toen klein en zongebruind – in hun luiers lopen. Ja. Je kan nu zeggen dat dit weinig is, maar ze heeft er in ieder geval eentje, een mooie herinnering.


De psychiater zag aan de uitwerking van de opdracht, dat de gestelde diagnose juist was: hypomane periodes vormden de zwarte gaten, de daaropvolgende depressies zwarte dieptes. Dus ja. Helaas. Ja. Bipolair. BAM! En dus medicatie. En ze dacht dat ze dan van alle ellende af was en dat het allemaal wel goed zou komen. ‘Oh, maar dat regel ik allemaal wel, ik fix dat wel, het gaat wel over’.



Ze wist bijvoorbeeld niet dat veel schulden maken en verslaafd raken bij het bipolaire beeld horen. Haar financiële schuld was opgelopen tot ongekende hoogte. Ze had werkelijk geen idee hoe dit was gekomen. Beetje bij beetje begreep ze dat haar positieve gedachtegang: ‘Oh, maar dat regel ik allemaal wel, ik fix dat wel, het gaat wel over’ haar inmiddels op meerdere levensgebieden enorm in de problemen had gebracht. Want ze was financieel en emotioneel failliet. Total Broke. 



Niemand wist dit. Door de jaren heen was ze een kei geworden in het leiden van een dubbelleven. Ze liet zo min mogelijk mensen toe in haar huis, zo bleef haar huis het meest prikkel vrij. Dan kon ze depressief zijn zonder dat ze daar iemand mee lastig viel. En herstellen zonder daarbij lastig gevallen te worden. Op die manier kon ze zich helemaal vrij voelen en bijtanken. En kon ze die leuke, gezellige en spontane verschijning zijn als ze buitenshuis was. 



Dat betekende ook automatisch dat er geen controle was. Ze had geen netwerk van mensen die haar 100% kennen, überhaupt geen mensen die zich met haar leven bemoeiden. Haar ouders waren overleden en ze leefde ze dus al 40 jaar met haar handicap, zonder dat ze het wist…ze dacht namelijk altijd: ‘Oh, maar dat regel ik allemaal wel, ik fix dat wel, het gaat wel over’.



Ze had zich al jaren overeind gehouden met hoofdpijnpoeders en dronk dagelijks stevig door. Startend met een wijntje bij het koken, nog een glaasje bij het eten en dan, wanneer de kinderen op bed lagen, maakte ze de fles stilletjes leeg. Zo ging dat dagelijks. Ze draaide haar hand er niet voor om. Ze deed het gewoon. Het bracht verlichting en ze werd er rustiger door en minder kribbig. 



Inmiddels had ze een jaar lang fulltime en op hoog niveau gepresteerd en haar werkopdracht binnen tijd en budget afgerond en opgeleverd. Ze had zichzelf even een weekje vakantie beloofd om tot rust te komen. Zo kwam ze letterlijk én figuurlijk stil te zitten en viel hierdoor in het grote zwarte diepe gat. Het masker viel stuk. Ze werd gedwongen om eindelijk eerlijk naar zichzelf te gaan kijken. En met zichzelf aan de slag te gaan. Ze investeerde in lezen en kennis opdoen. Over zichzelf en over de ziekte. Maar nog steeds dacht ze: ‘Oh, maar dat regel ik allemaal wel, ik fix dat wel, het gaat wel over’.



Ze leerde naar zichzelf kijken, naar haar masker en ook naar haar verleden, met begrip voor zichzelf en nu dan ook met eigen verantwoordelijkheid. Want die had ze alsmaar niet gevoeld. Ze voelde zich altijd het slachtoffer want: ‘ze werkte altijd zo hard.’ De ander, de wereld, die moest veranderen. Niet zij. En ergens was dat ook zo; ze kon dat bipolair-zijn niet veranderen, ze had het alleen maar accepteren. En accepteren betekende dat het tijd werd om afscheid te gaan nemen. Afscheid te gaan nemen van: ‘Oh, maar dat regel ik allemaal wel, ik fix dat wel, het gaat wel over’. 

De gedachten dat ooit een keer ‘over’ zou zijn, dát had haar juist altijd op de been gehouden. De moed om juist deze gedachten uit te schakelen zonk haar in de schoenen. deze gedachten hadden ervoor dát ze niet overging tot het doen van een poging om ‘het over te laten gaan’. Deze gedachten hadden ervoor gezorgd dat ze hier nog was. Wat zou er gaan gebeuren als ze haar positieve gedachten los zou laten?



Er gebeurde nog heel veel waar nog veel over te schrijven valt. Tot op de dag van daag is het nog niet over. En zal het ook niet overgaan. Ze heeft begrepen dat als ze niet wil offeren voor haar geluk, haar geluk het offer zal worden.

Wil je contact opnemen? Stuur een mail naar info@verhalenkaravaan.nl

The Verhalenkaravaan is an initiative of the Bibliotheek Amstelland and is made possible in part by contributions from the residents of Amstelland.