Mantelzorgen

Door: Yolanda Hoogenboom

Verhuizen is ont-spullen, maar hoe moeilijk is dat! Als mantelzorger kan ik daar niet zo veel bij helpen. Ik kan wel helpen om een beetje structuur aan te brengen in het opruimen en het daardoor overzichtelijk houden. Elke kast heeft laatjes met herinneringen en planken vol bewaarde belangrijkheden. Ik verdeel de kast in stukjes. Mijn moeder vind dat ook fijn: ‘Welk laatje moet ik nu gaan opruimen, Jo? Hebben we die al gehad?
Vandaag gaat mijn moeder van zevenentachtig de kledingkasten opruimen, want het is zeker dat veel kleren niet mee kunnen naar het nieuwe appartement. Ze ziet er tegen op, maar als ze eenmaal in de weggooi-modus staat heeft ze toch in een paar uur tijd zes grote vuilniszakken met kleding verzamelt wat naar de missie moet.
Tegenwoordig zouden we het naar de kringloopwinkel brengen of op Vintage plaatsen, maar mijn moeder leerde nog dat spullen die je niet meer nodig hebt naar Afrika gaan.



Behalve één ding. 

Ze moest er gewoon even bij gaat zitten toen ze het vond.
 Het legerjasje van mijn vader. Mijn vader, geboren in 1935, was toen een knappe, slanke vent met een Elvis-lok en had op dat moment verkering met die aardige, donkerharige krullenbol van langs De Amstel, die mijn moeder werd. Midden in hun verkeringstijd moest mijn vader in dienst. Hij was achttien, vol bravoure en ging het land dienen.

Het embleem van de kazerne zit nog op de mouw genaaid. ‘Dat had hij er eigenlijk af moeten halen en inleveren’ zegt ze zachtjes. Verzonken in herinneringen blijft ze een poosje naar het stoffige, groene legerjasje zitten kijken. ‘Het was zo’n knappe vent, die vader van jou, verzucht ze. Ze aait het jasje. ‘Ik heb er niks aan, maar ik neem dit toch mee naar het nieuwe huis’, besluit ze.

Dat mijn broers het jasje ooit al te pakken hebben gehad en er een Bob Marley embleem op hebben genaaid, dat ziet ze niet. Zij ziet mijn vader.

Wil je contact opnemen? Stuur een mail naar info@verhalenkaravaan.nl

The Verhalenkaravaan is an initiative of the Bibliotheek Amstelland and is made possible in part by contributions from the residents of Amstelland.