Een dag uit het dagboek van een zestienjarig meisje:
10 december 1981
44 dagen
44 dagen van mijn leven, heb ik aan jou gegeven.
Al die dagen waren alleen voor ons twee.
Maar jij kon me nooit begrijpen
en nou zijn al die dagen verleden tijd.
44
een dag is 24 uur, 44 keer 24, een uur is 60 minuten en een minuut 60 seconden.
63 duizend en nog meer minuten, te veel om uit te schrijven.
Altijd heb ik die tijd willen rekken.
Ik wilde je nog zo veel langer bij me houden.
Ik wilde je mijn gevoelens vertellen,
maar ik stond tegen een vreemde te praten.
Ik stond hopeloos te schreeuwen in een zwarte nacht.
Als ik je nodig had, was je er niet.
Ik hield van je met heel mijn hart,
maar toch deed je me telkens weer pijn.
Vier en veertig dagen.
Waarom moest het gebeuren?
Al die tijd dat ik bij jou hopeloos naar mezelf zocht,
had jij jezelf al lang gevonden.
Jij had mij niet nodig,
maar ik kan niet zonder jou.
Waarom?
WAAROM?
Ik moet vechten om niet weg te zakken in die zee van tranen.
Tranen om jou, mijn verloren liefde, om vier en veertig dagen.
Ach, ik ben reeds zo vaak verdronken,
in die diepe donkere nacht van niet-weten.
Eens overwin ik jou.
Dan kan ik weer leven,
met jou als bijzondere herinnering.
Vergeten zal ik je niet.
Je staat geprent in mijn lichaam
Ik ben een ervaring en een litteken rijker.
Maar ik ben je dankbaar.
Dankbaar voor die prachtige vierenveertig dagen.
Net 16, en dan maakt je eerste vriendje het uit. Rudy. Mijn wereld stortte in.
In mijn dagboek schreef ik over mijn grootste verdriet ooit.
Voor heel even.
Twee weken later was ik “nu echt” tot over mijn oren verliefd.